The Funk Firm Houdini

Het Engelse The Funk Firm is geen dertien in een dozijn firma. Het is het bedrijf waar Arthur Khoubesserian al vele decennia aan zijn ideaal van de vinylweergave werkt. Marco en ik hebben Arthur recent nog gesproken op de München High End show. Wat een prachtige man. Een echte Willie Wortel. Zonder enig opsmuk of het stropdassengeneuzel dat we op heel veel stands hoorden. Niks van dit alles. 

Wat is Arthur dan wel? Bevlogen, enthousiast en een pur sang lliefhebber van de analoge audio in hart en nieren. Eind jaren zeventig bekend geworden met de fraaie Pink Triangle platenspelers. Maar na het overlijden van zijn compagnon verdergegaan als de The Funk Firm. Een man met een missie.

Zowel Marco als ik zijn sinds enige tijd al erg enthousiaste gebruikers van de Achromat en de Houdini van The Funk Firm. Of het toeval er mee speelt krijgen we onderstaand verhaal na thuiskomst uit München toegestuurd van Christian Rintelen. Ik had zelf al een review in de maak, maar kan het zelf niet beter verhalen. We laten Christian dus graag zelf aan het woord (Dick van de Merwe).

Koning Arthur

Koning Arthur van Funk Firm adel heeft het weer gedaan. Eerst dacht ik dat de Houdini gewoon weer een gimmick was, zij het een nogal dure. Maar aangezien Arthur Khoubesserian in een vorig leven natuurkunde heeft gestudeerd, zijn dingen die van zijn hof komen gebaseerd op wetenschap, niet op (audiofiele) voodoo en snakeoil. Ik weet dat uit mijn eigen ervaringen de een Pink Triangle draaitafel. En het tot op de dag van vandaag gebruiken van een Achromat bovenop de glazen mat op mijn EMT-draaitafel.

De Funk Firm Achromat is er in diverse diktes en kleuren.

Jammer?

Een beetje jammer, Arthur komt met briljante ideeën zoals de Houdini, maar legt de innerlijke werking ervan niet goed uit. Ik vertrouwde echter op mijn instinct dat hij misschien weer eens iets van plan was en ik bestelde een Houdini van zijn website. Toen het pakketje was afgeleverd bleek dat ik zo stom was geweest de verkeerde versie te bestellen. Na de FunkFirm gebeld te hebben en de The King himself aan de lijn te krijgen, spraken we af dat ik eerst de verkeerde versie aan de tand zou voelen en dan zou beslissen of ik hem zou omruilen voor de versie die ik eigenlijk nodig zou hebben.

De Funk Firm Houdini flink vergroot weergegeven...

Goed opletten!

Er zijn twee uitvoeringen van de Funk Firm Houdini: voor elementen met een eigen schroefdraadbevestiging en voor elementen zonder. De zogenaamde ‘bolt thrue’ en ‘threaded’ versies. Dat wordt op de Funk Firm site duidelijk uitgelegd…

Dus hier zat ik dan met een geschroefde Houdini. In mijn collectie van meer dan 30 cartridges vond ik er precies één die zou passen: De Denon DL-103.

Aan de slag

De montage van de Funk Firm Houdini is niet ingewikkeld, alleen de nylon boutjes wel met gevoel vastdraaien... (ik ben blij dat ik nog wat over had in mijn grijpdoos met M2.5 headshell hardware). 

Nadat de geometrie van de DL-103 en de VTA van de arm opnieuw is afgesteld, gebruik ik eerst dezelfde tracks om te controleren of a: de uitlijning nauwkeurig was en b: er duidelijke, objectieve en kwantificeerbare verschillen zijn te horen.

En die zijn er genoeg. Sommige verbeteringen verwacht ik halverwege (waarom zal verderop worden uitgelegd), andere komen toch als een grote verrassing.

Denon DL-301

Resonanties

Het meest indrukwekkend is, niet verrassend, de laterale en verticale arm/ element resonanties. De DL-103 en de Groovemaster zijn geen match in heaven. Samen kunnen ze pieken produceren die hoog genoeg zijn om de naald letterlijk (en zijdelings) uit de groef laten vliegen. 

De Houdini maakt radicaal een einde aan dit niet-conforme gedrag en laat dezelfde DL-103 in dezelfde headshell op dezelfde arm en tracking bij dezelfde VTF door deze tracks zeilen met zeer weinig hoorbare én zichtbare resonanties. Het verschil is niet gering! Het is dan ook geen verrassing dat de Houdini de tracking verbetert. De DL-103 in de Houdinigreep volgt hogere modulaties in de groef op een hoger niveau en klinkt schoner.

Niet verwacht

Wat ik niet verwachtte: De enorme verbetering in kanaalscheiding. Waar de standaard DL-103 met zorgvuldig aangepaste azimuth het (zoals we gewend zijn) op zijn best middelmatig doet. Met de Houdini meet ik niet alleen 3 tot 5 dB minder overspraak, maar deze blijft ook consequent lager over het gehele frequentiebereik.

Tussenstand

Tot zover de zeer indrukwekkende objectieve verbeteringen. Sommige komen niet als een verrassing omdat ze het effect zijn van een afgestemde ophanging van het element in de toonarm. Wat alles te maken heeft met tracking en resonanties. Andere gevonden eigenschappen (de toegenomen kanaalscheiding) had ik niet verwacht maar leiden niettemin tot tevredenheid. Testsignalen zijn echter één ding maar hoe vertaald zich dit in de muziekweergave?

Wat zijn de resultaten van het luisteren naar echte muziek met een DL-103/ Houdini? In een notendop: verbluffend!

Resolutie

De resolutie van de hoge frequenties is nooit de sterkste kant geweest van een standaard DL-103 met zijn ronde naald: het element heeft niet de ultieme verfijning, is zelfs een beetje ruw, spetterend en op sterk gemoduleerde tracks in de groef richting het platenlabel krijgt het een nadruk op de s-klanken. 

De Houdini is in dit opzicht revolutionair. Bekkens klateren niet langer, maar pruttelen. De Houdini voegt een niveau van delicatesse en transparantie toe aan de weergave dat aantoont hoe goed de DL-103 eigenlijk is.

Dieptelagen en holografische 3D-geluidstaferelen zijn voor mij van minder cruciaal belang (ik heb veel tijd doorgebracht in opnamestudio's en weet hoe een pan-pot werkt...). Wat voor mij wel belangrijk is, is de grootte en robuustheid van stemmen en instrumenten die in het midden van het podium staan. Vaak variëren de grootte en contouren hiervan gelijkertijd met het variëren van de frequentie en luidheid. Dat vind ik zelf vervelend.

In werkelijkheid wordt een zanger niet twintig centimeter groter alleen omdat hij of zij een hogere toon of luider zingt. Net als veel andere elementen is de Denon DL-103 in dit opzicht geen kampioen. Akoestische gitaren worden naar willekeur groter en kleiner afgebeeld. Als een ballon die ad lib wordt opgeblazen weer leegloopt.

De Houdini met de DS Audio DS 003 in de GrooveMaster op de Garrard 401 van Dick. Onder het witte vinylalbum zie je de eveneens witte 5 mm dikke Funk Firm Achromat. 

Nog meer winst

Met de Houdini krijgen de beelden in het centrum echter duidelijker contouren en variëren ze minder in grootte. Dit is niet verwonderlijk na het vaststellen van de sterk verbeterde kanaalscheiding. Immers, ieder signaal in het midden van het stereobeeld betekent dat het in beide groefwanden van de plaatgroef wordt geregistreerd en verticaal wordt gevolgd.

Ik merkte nog vele andere verbeteringen op, sommige in details, andere over het gehele frequentiebereik. Om ze samen te vatten, en bij gebrek aan betere woorden, zou ik het Houdinied geluid omschrijven als schoner en transparanter van boven naar beneden. 

Verstoppen en vertroebelen

Alle types elementen hebben de neiging om het geluid van orkesten die luid spelen te verstoppen en te vertroebelen, de ene meer dan de andere. De DL-103 valt in de categorie "wat meer". Omdat de 103 er min of meer berucht om is enorme hoeveelheden energie op de toonarm over te brengen. Hoe complexer het signaal en hoe hoger de modulatie, hoe meer goede en minder goede trillingen. 

Tweaks & Mods

De gebruikelijke weg om de DL-103 proberen te verbeteren omvat vaak modificaties zoals het verwijderen of verstevigen van het dunne plastic omhulsel, het potten van de generator met epoxy, het inbouwen van de generator in een aluminium, houten, polymeer of grafiet body. Vaak aangevuld (letterlijk) met een spacer van een hard (koolstof, grafiet) of zacht (polymeer) materiaal dat tussen de element en de headshell wordt geplaatst.

Met als doel de trillingen te absorberen, te dempen of te filteren. Dit helpt, maar berooft De DL103 meestal ook iets van het uitbundige karakter. 

Echter niet met de Houdini. Hiermee behoudt de DL-103 niet alleen zijn karakter, maar presteert het ook nog eens als een beduidend beter element met meer verfijning. In andere woorden: met een Houdini klinkt een DL-103 als een element dat een paar prijsklassen hoger ligt.

De Houdini tussen de DS 003 en Nasotec headshell. Beter gaat het echt niet meer worden...

Hoe dit kan?

Dit kan omdat de Funk Firm Houdini een andere benadering kiest door een ander soort, een echte ophanging, toe te voegen. Dit is niet te vergelijken met de starre constructie dat een massieve spacer vormt.

Een echte ophanging?

Om te begrijpen wat ik bedoel met ‘echte ophanging’ moet men kijken naar het doel van een ophanging. Neem uw auto of motorfiets. Als de wielen rechtstreeks aan het chassis worden bevestigd, zal de auto of motorfiets over de hele weg stuiteren en uiteindelijk in een greppel of tegen een boom belanden. Zeer oncomfortabel. 

Okay. Laten we dan wat veren tussen de assen en het chassis plaatsen. Afhankelijk van hun stijfheid zullen de veren ofwel volledig samendrukken en naar beneden zakken, ofwel ze weigeren ook maar een millimeter toe te geven. Of, in het ideale geval, net genoeg samendrukken en uitveren om de wielen voldoende tegen het wegdek te drukken. Een correcte veer zal samendrukken wanneer het wiel over een verhoging rijdt en uitzetten bij een kuil. De rit zal minder heftig zijn, maar nog steeds onaangenaam.

Omdat de veer na het raken van een kuil of een steentje niet terugkeert naar zijn neutrale positie, maar in plaatst daarvan blijft stuiteren. Het chassis zal de veerwerking volgen. En uiteindelijk heb je de stuiterende auto of motor niet meer onder controle en beland je weer in een greppel of tegen een boom.

Schokbrekers

Om de rit veilig en comfortabel te maken, moeten de veren worden gedempt. De functie van de demper is om snelle excursies van de veer toe te laten, maar deze terug te dwingen in de neutrale positie zodra het obstakel uit de weg voorbij is. Met andere woorden: de veren laten het wiel over de obstakels rijden, de demper houdt het wiel op de grond. (Alleen dempers zouden niet in staat zijn het gewicht van de auto of de motorfiets te dragen).

Onze platenspeler

Kijk nu eens naar een platenspeler. De toonarm heeft lagers die verticale en zijdelingse bewegingen mogelijk maken, zowel langzaam als snel. Aan het andere uiteinde van de toonarm bevindt zich het element dat in principe bestaat uit een magneet, een spoel en een cantilever met aan het ene uiteinde een naald, aan het andere uiteinde een pianosnaar en in het midden ofwel een spoel ofwel een magneet, afhankelijk of het een MC of een MM element is. 

De pianosnaar is bevestigd aan de behuizing van het element. Zodra de plaat draait, probeert de naald de bewegende groefwanden te volgen. Daardoor bewegen de spoelen of magneten in het magnetische veld en wekt zo een elektrische stroom op. Merk op dat ik de bedoeling van de naald omschrijf als "proberen" de groef te volgen. In werkelijkheid is de situatie anders, en vergelijkbaar met onze auto op zijn verende ophanging. 

De pianosnaar werkt als een veer. Aan het ene uiteinde van de veer zit een klein diamantje dat zeer kleine excursies maakt in een cirkel rond zijn steunpunt. Aan het andere uiteinde van de veer zit een vergelijkbaar grote zware dode massa.

Maar de massa is helemaal niet dood, want deze wordt in zijn bewegingen beperkt door het armlager. En aan de andere kant van het lager zit het contragewicht dat dient om het drukke uiteinde van de arm in balans te houden, zodat het een nauwkeurig ingestelde neerwaartse kracht (de naalddruk) uitoefent. 

Net als de auto die over de weg stuitert, zal de enige veer in onze opstelling de veel grotere massa van de arm volgen en zo de naald vrolijk zijn kronkelige baan laten verlaten die bestaat uit twee schuine wanden (de plaatgroef). 

Maar wacht eens even…

Wacht eens even ... er ontbreekt nog iets ... oh ja, ik vergeet een heel belangrijk onderdeel van het element te noemen: de kleine ring rond de cantilever die bestaat uit rubber of een hightech polymeer. Dit is de demper die de veer/ pianosnaar controleert. Een ophanging die bestaat uit een veer en een demper. Dus, we hebben wel degelijk een goed opgehangen systeem dat onze naald door de groef leidt. 

Een kwestie van evenwicht

Het doel van de ophanging van de cantilever is er echter om stuiteren van de arm te voorkomen. De pianodraad en de demper vormen een ophanging die de cantilever in staat stelt de minuscule excursies van de naald te volgen. En deze ophanging hoeft alleen maar zo stijf te zijn vanwege de grote massa die in evenwicht moet worden gehouden. 

Wat doet de Houdini?

Wat de Houdini doet (en waarom het een natuurkundige moest zijn die het moest uitvinden): De Houdini behandelt het element als een geheel dat een gecontroleerde ophanging moet krijgen. Terwijl tot op heden het generatordeel van de het element en de arm altijd op één hoop worden gegooid. 

1+1=3

Met andere woorden: de Houdini behandelt het gehele element als een wiel dat geïsoleerd moet worden van het chassis, ofwel: de toonarm. Zodra de door het element veroorzaakte resonanties niet langer vrij spel hebben die de arm uit het ideale evenwicht brengen, kunnen beide subsystemen, arm en element, hun taken veel beter vervullen. 

De arm geleidt het element over de plaat. Zonder de massa van de arm beweegt de cantilever het element in één beweging en produceert geen stroom. Op zijn beurt heeft het element niet langer te maken met een zwevende massa dat hem verhindert door kleine obstakels zoals stof in de groef, kromming van de plaat of de kanonschoten van Telarc's 1812 te navigeren. 

Zuiver

Zodra deze trillingen elkaar niet langer bestrijden, maskeren zij ook niet langer het effectieve signaal dat uit de groef wordt geplukt. Het geluid wordt dus onberispelijk en zuiver. En zodra de 315 Hz sinusgolf die voor de volgtests wordt gebruikt, niet langer de resonantie van de verende massa opwekt, zijn de resonantiepieken verdwenen en kan de naald de modulatie ongehinderd volgen. 

En de kanaalscheiding?

Wat de verbeterde kanaalscheiding betreft, daarover kan ik alleen maar speculeren. Kanaalscheiding is een functie van een zuiver zijdelingse beweging, omdat het signaal slechts in één wand van de groef wordt gesneden. Een niet-geveerde cartridge zal deze asymmetrische beweging gedeeltelijk in de arm overbrengen en de eigen resonantiemodi van de arm aansturen.

Met als gevolg dat de generator niet stabiel staat ten opzichte van de cantilever en dus een extra signaal genereert bovenop de naaldbeweging. Aangezien dit extra systeem monofoon zal zijn, zal het beide zijden in gelijke mate beïnvloeden, links en rechts, en dus een signaal toevoegen aan waar geen signaal zou moeten zijn, evenals aan de gemoduleerde zijde. 

Aangezien dit monofone aanvullingssignaal gedeeltelijk in fase zal zijn met de groefmodulatie, zal het aftrekken van het correct gegenereerde signaal. Als dat onbegrijpelijk klinkt: De kanaalscheiding wordt kleiner door het toegevoegde signaal. 

Epiloog

Zo zie je maar hoe een open geest als die van Koning A. een technologie kan verbeteren die al tijden als "volwassen" werd beschouwd. Hoe onvolwassen!

Kortom: Tenzij de cartridge- of toonarmindustrie op de trein springt en met de juiste ophangingen voor zijn product komt, is de Funk Firm Houdini dé manier als je echt wilt horen hoe goed je cartridge en je toonarm werkelijk zijn.

Een echte aanrader en iedere cent waard. Long live the King!

Funk Firm Houdini prijs: 385 euro (incl. 21% BTW)

The Funk Firm site

Audio Creative Shop

 Save as PDF

Christian Rintelen

Christian Rintelen woont en werkt in Zwitserland. Zijn specialiteit is de analoge muziekweergave. Christian is een erg enthousiast gebruiker van EMT draaitafels. Ook is hij bekend van zijn activiteiten bij het jaarlijkse ETF (European Triode Festival).

Christian Rintelen

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.