Melodia en muziek achter het ijzeren gordijn

Daar ik mijn platenkast weer van zolder heb gehaald en mijn Thorens weer heb afgestoft en opgepoetst komen vele juweeltjes weer tot leven. Zo ook een klassieke elpee uit 1976 uit de Horoscoop serie van Christoph Willibald Gluck, uitgebracht op het Sovjet label Melodia.

Dit maal aandacht voor het merk Melodia, de platengigant achter het ijzeren gordijn en de popmuziek beleving in het voormalige Oostblok

Melodia made in the USSR

Logo Melodia, made in USSRMelodia (Μелодия) is een voormalig Sovjet platenlabel (nu Russisch) welke vanaf 1964 alle producties uitbracht in de Sovjet Unie.  De omvang van dit merk was gigantisch en die in haar top jaren tot 200 miljoen platen per jaar omzette. Het merk beperkte haar producties niet alleen tot de Sovjet Unie, maar exporteerde naar zo’n 70 landen. Zo werd veel klassieke muziek geëxporteerd onder haar eigen label, maar ook in licentie werden albums uitgebracht door BMG (Bertelsmann) en het Nederlandse CNR. Van dit platenlabel is het nog leuk om te vermelden dat de oprichter Cornelis Nicolaas Rood rijk is geworden met het produceren van lampenkappen. Dat één van de belangrijkste successen van dit platenlabel Gert Timmermans was laten we maar even buiten beschouwing. Later is CNR overgenomen door Arcade, die vooral scoorde met populaire verzamelalbums.

Pink Floyd, Bon Jovi en de Beatles op Melodia

Pink Floyd op het melodia label

Zoals gezegd, Melodia was een staatsbedrijf van enorme omvang. Alles werd in eigen hand gehouden. Op haar hoogtepunt werkten er 120.000 mensen bij het bedrijf, waarvan alleen al 40.000 in de platenzaken die overal in het land waren. Alle westerse artiesten die het recht kregen om in de Sovjet Unie haar platen uit te brengen moesten dit doen op het Melodia label. Elpees van artiesten als Beatles, Pink Floyd, Abba en recenter, Bon Jovi werden onder dit label uitgebracht in de Sovjet-Unie. Hiermee had de staat tevens een flinke vinger in de pap, over wat veilig was voor het publiek.

DDR, de Puhdys en de Kulturkammer

Overheidstoezicht was in het Oostblok een normale gang van zaken. Zo heeft de Kulturkammer in de voormalige DDR regelmatig ingegrepen om proberen te voorkomen dat het volk werd blootgesteld aan verderfelijke rock & roll met westerse invloed. Het was voor bands in de DDR verboden om popmuziek op te nemen in het Engels. De meest succesvolle voormalig Oost-Duitse formatie, de Puhdys, dreigden zelfs verboden te worden omdat ze regelmatig tijdens live concerten teveel engelstalige nummers vertolkten van o.a. Uriah Heep en Led Zeppelin. Daarna heeft men om te kunnen blijven spelen het reportoire, geheel tegen eigen zin, moeten aanpassen naar het Duits. Later hebben zij van de autoriteiten toestemming gekregen om een engelstalig album op te nemen in de Verenigde Staten.

Puhdys, ten tijde van de DDR

Ook in de DDR werd de platenindustrie door de staat geleid middels het platenmerk Amiga. Om de beperkingen door de staat opgelegd te ontlopen werd muziek in eigen beheer opgenomen met een bandrecorder en vervolgens via audio-cassettes (illegaal) verspreid. Er werd door de staat zelfs een zogenaamde zogenaamde Anordnung über die Programmgestaltung bij Unterhaltungs-Tanzmusik opgesteld. Deze voorzag er in de jongeren een socialistisch verantwoorde muziekbeleving bij te brengen. Daarbij werden regels opgesteld, welke bepaalde hoeveel engelstalige muziek er in uitgaansgelegenheden mocht worden gespeeld.

Het kwam tevens regelmatig voor dat al te systeem kritische muzikanten voor een tijdje achter tralies kwamen te zitten, omdat ze niet voldeden aan de wetten die door de Kulturkammer werden gesteld. Er werden gevangenisstraffen opgelegd van soms wel 3 jaren. Hieronder een bijdrage uit de Puhdys jubileum DVD, waarin duidelijk werd dat de “Knast” altijd als het zwaard van Damocles boven de kop hing.

Veilige muziek in Roemenië

In Roemenië maakte de overheid het nog bonter. Daar was de meeste popmuziek uit het westen simpelweg verboden. De staat bepaalde wat veilig was. Wel veilig was de muziek van bijvoorbeeld Beegees, Abba, Kenny Rogers en Demis Roussos. Voor “onveilige” muziek was men aangewezen op vrije zenders die vanuit Oostenrijk en later Hongarije de Roemeense ether konden bereiken. Maar daar stond weer tegenover dat deze zenders niet legaal ontvangen mochten worden.  Kennismaking met Rolling Stones, Queen of Simon and Garfunkel kon voor velen pas na 1989.

De Roemeense band Phoenix (in populariteit vergelijkbaar met Blöf in Nederland) is op een gegeven moment uitgeweken (gevlucht) naar Duitsland. Daarna is alle nieuwe muziek van de band tot de val van Ceaușescu simpelweg verboden. Natuurlijk bestond er tijdens het bestaan van het ijzeren gordijn een levendige handel in gekopieerde cassettes, die veelal werd overgenomen van elpees die door regeringsfunctionarissen het land werden binnengesmokkeld. Tot op de dag van vandaag zien we ook dat de Roemenen een heel andere kijk hebben op het (illegaal) kopiëren van muziek. Lange tijd was het één van de weinige mogelijkheden om andere pop uit het westen mee te krijgen. In de Sovjet-Unie bestond er ook een levendige handel in gekopieerde muziek. Originele albums uit het westen werden soms voorzien van andere hoezen en gingen voor bedragen van 500 USD van de hand. Cassettes met westerse (verboden) muziek verwisselden ook nog voor zo’n 50 USD  van eigenaar.

Na de val van de muur

Na 1989 is er, door het uiteenvallen van het oostblok, veel veranderd. Popmuziek kon al snel ook daar beleefd worden zoals overal in Europa. Veel artiesten wisten hun weg te vinden naar de voormalige oostblok landen. Daarbij was het wel opvallend dat de weg naar de voormalige Sovjet Unie (Moskou, St. Petersburg) en Berlijn sneller kon worden gevonden dan de weg naar het armere Roemenië. Pas ver na 2000 wordt ook de weg naar Boekarest regelmatig gevonden.

Boekarest, anno 2006, Depeche Mode

De toekomst van Melodia

Het Russische Melodia is nu nog steeds een staatsbedrijf, maar nu werken er nog slechts zo’n 60 medewerkers. Na de val van de Sovjet Unie kwam Melodia in verval, omdat er nu ook concurrentie mogelijk was. Hierdoor was het genoodzaakt om vanaf de 90-er jaren met westerse uitgevers samen te werken, zoals het Duitse BMG.

Op dit moment is Melodia in het proces van privatisering, maar met haar catalogus van 239.000 items, waaronder alleen al 90.000 analoge tapes en 133.000 platen die nog moeten worden gedigitaliseerd, bestaat er angst dat een commerciële overname kandidaat voor deze legacy te weinig interesse zal tonen, waarbij ook nog eens de panden waarin Melodia haar archieven herbergt te koop staan.

Over Johan van de Merwe

Johan van de Merwe is in het dagelijkse leven IT-specialist. Hij is liefhebber van melodieuze muziek waar gevoel in zit. Het liefst geniet hij eindeloos van de klanken uit zijn Triodedick versterker en zijn 25 jaar oude transmission lines.

Laat wat van je horen

*